De zin en onzin van generatiedenken
Boekman #146: Generaties en cultuur is vanaf woensdag 18 maart via onze website te reserveren. Het tijdschrift valt vanaf 1 april op de deurmat bij onze abonnees.
Verschillen tussen generaties zijn van alle eeuwen. Evenals de vooroordelen: de ‘luie jeugd’ en ‘verstarde senioren’. Er zijn in de sociologie verwoede pogingen gedaan om generaties te duiden, vaak met gedeeltelijk succes. Generaties blijken fluïde en subjectief.
Een gedeelde factor van mensen binnen dezelfde generatie is vaak de dominante cultuur van hun jeugd. De babyboomers (1946-1965) groeiden op met Bob Dylan, Generatie X (1965-1980) met televisieserie Twin Peaks, en millennials (1980-1996) met Harry Potter. Die populaire culturele uitingen bestaan niet in een vacuüm, maar in relatie tot invloedrijke maatschappelijke ontwikkelingen.
Zo zong Bob Dylan over verzet tegen autoriteiten, en wordt de opkomst van het genre fantasy rond de eeuwwisseling gezien als escapisme in een tijd van neoliberale onzekerheid. Nu wordt voor het eerst een generatie volwassen die volledig opgroeide met het internet: Gen Z (1997-2012), op de voet gevolgd door Generatie Alpha (2010-2025).
‘Organisaties kunnen hun doelgroepen het beste aanspreken op basis van levensfase in plaats van generatie.’
Er gaan steeds meer stemmen op tegen al te rigide generatiedenken; het zou tot leeftijdsdiscriminatie kunnen leiden. Zoals onderzoekers Isabelle Diepstraten en Henk Vinken in het openingsartikel schrijven, voelen generatiegenoten zich inderdaad verbonden doordat zij in hun formatieve jaren dezelfde maatschappelijke gebeurtenissen hebben meegemaakt.
Maar ‘het etiketteren van generaties (…) kan leiden tot onterechte stereotyperingen van een generatie als geheel.’ Zo blijkt het lastig om de verschillen te zien tussen generatie en levensfase.
Uit de onderzoekscijfers van de Vrijetijdsomnibus (VTO) blijkt dat babyboomers beduidend minder popconcerten bezoeken dan tien jaar geleden en dat Gen Z’ers bovengemiddeld geïnteresseerd zijn in gamen. ‘Maar over dertig jaar kan dat heel anders zijn. Mensen veranderen immers, hun voorkeur soms ook, naarmate hun leven zich ontwikkelt’, aldus Britt Swartjes en Thomas de Hoog, onderzoekers bij de Boekmanstichting. Cultuurmarketeer Hilde Smetsers valt hen bij: organisaties kunnen hun doelgroepen het beste aanspreken op basis van levensfase in plaats van generatie.
‘Gen Z’ers opereren kritischer en autonomer’
Hoe navigeren makers door een cultuurlandschap waarin de nadruk nogal eens lijkt te liggen op jong en veelbelovend? Edo Dijksterhuis sprak vijf makers van verschillende kunstdisciplines, die vooral correlaties zagen tussen leeftijd en werkethiek. Zo valt het regisseur Servé Hermans (1981) op dat Gen Z’ers kritischer en autonomer opereren dan de generaties boven hen, die nauwelijks op zaken zoals overuren letten.
Tegelijkertijd lijkt de prestatiedruk vandaag de dag hoger te liggen en is er de verontrustende wens om continu online aanwezig te zijn. Docent Jordi Wijnalda ziet die tendensen ook bij zijn filmstudenten, maar omschrijft de hang naar autonomie vooral als iets positiefs: ‘Nieuwe generaties hebben alternatieve wegen gevonden om volwaardig filmmaker te zijn, waar dat voorheen vooral een diploma was. En dat is opgepikt door de instituties.’
Een bijzondere bijdrage aan dit nummer is de briefwisseling tussen journalist Bo Fasseur en voormalig cultuurminister Hedy d’Ancona, die met hun 63 jaar leeftijdsverschil reflecteren op cultuuroverdracht. ‘Wie vroeg leert kijken, blijft nieuwsgierig.’
Met bijdragen van: Henk Vinken, Isabelle Diepstraten, Sandra Smets, Hilde Smetsers, Hedy D’Ancona, Bo Fasseur, Edo Dijksterhuis, Bjorn Schrijen, Natasja Admiraal, Johan Kolsteeg, Jordi Wijnalda, Jaswina Elahi, Micha Hamel, Elodie Heloise, Annabel Essink, René van Peer, Wietse Schmidt, Johan Boonekamp, Claartje Rasterhoff, André Nuchelmans, Jenneke Harings en Jack van der Leden.
De coverillustratie is gemaakt door Nastia Cistakova.
Over tijdschrift Boekman
Tijdschrift Boekman is het vaktijdschrift voor kunst- en cultuurbeleid, trends en kritische reflectie in het Nederlandse cultuurdebat. We analyseren, bevragen en verhelderen wat er speelt in de culturele sector en de cultuurpolitiek – van beleidskeuzes tot de makerspraktijk.
Annabel Essink, Jack van der Leden en André Nuchelmans