Demo’s, kwetsbare gesprekken en tips van maker tot maker: op 14 augustus stond de Boekmanbibliotheek tijdens ‘Work in progress’ in het teken van de werkpraktijk van muziekmakers.
De gespreks- en luistersessie werd georganiseerd door VANGUARD als onderdeel van de Boekman Open Huis-pilot, waarin wordt onderzocht wat er kan ontstaan wanneer de bibliotheek ruimte biedt aan gemeenschappen en makers voor eigen programma en invulling. Zo kwamen makers samen om over hun werkpraktijk te praten, ervaringen te delen en te luisteren naar muziek die nog niet af hoefde te zijn.
VANGUARD, dat werd opgericht door Lee-Ann Johanna, is een platform voor makers uit Nederland die werken op de intersectie van verschillende genres en zich niet laten beperken door de kaders van genres. Naast een blog, is het een verzamelplek voor de Nederlandse Engelstalige muziekscene en organiseren ze community events en concerten. Zo organiseerden ze showcase concerten, schrijverskampen in Nederland en Engeland en brachten ze vinyl uit van een artiest. Alle activiteiten staan in het teken van het verenigen van makers en liefhebbers van muziek–experiment.
De avond stond in het teken van gesprekken, netwerken, delen en luisteren. Ingericht als een demosessie en diner (verzorgd door Fran’s Kitchen), vulde de avond zich al snel met gesprekken over ervaringen met het makerschap. Van het releasen van tracks, ervaren drempels en mentale barrières die komen kijken bij makerschap, tot het gebruik van social media, het Nederlandse en internationale muziekklimaat en de duurzaamheid van carrières in de muziekindustrie. Deelnemers deelden ervaringen, wisselden contacten uit en daarnaast vooral: heel véél muziek! Ieder van de ongeveer twintig aanwezige makers, van singer-songwriter tot producers, bracht een eigen track mee – waar ze nog feedback op wilden of andere hulp voor konden gebruiken, of die ze gewoon met andere makers wilden delen. Zo werden alle makers in de ruimte onderdeel van elkaars vaak individuele maakproces.

Dat de manier waarop de muzieksector werkt invloed heeft op de werkpraktijk van makers, wordt duidelijk in zowel het groepsgesprek als de demosessie. Een aantal stellingen, opgesteld door VANGUARD en de Boekmanstichting, geven een goede start om met elkaar in gesprek te gaan. Makers spreken over de druk van overproductie op streamingdiensten en de impact daarvan op kwaliteit op het muzikale landschap, de tijd en het geld die nodig zijn om muziek te maken en te releasen en de vele rollen die een onafhankelijke maker moet vervullen – van muzikant en producer tot marketeer.
De omgang met uitdagingen verschilt per maker, bijvoorbeeld omtrent social media: waar de één op social media alleen post en niemand volgt, ziet de ander iedere post als een creatief project op zich. Ook maatschappelijke en culturele invloeden worden benoemd, zoals het vinden van aansluiting bij een muzieksector waarin deze artiesten zich nog weinig gerepresenteerd zien, de invloed van algoritmes en de Nederlandse concertcultuur.
In de demosessie wordt vervolgens zichtbaar hoe waardevol het is om het maakproces met elkaar te delen. Het luisteren naar nog onaf werk voelt kwetsbaar, zeker wanneer nummers gaan over persoonlijke ervaringen met mentale gezondheid, therapie en rouw of vertrekken vanuit culturele achtergronden. De open houding van makers en begeleiding door VANGUARD creëert ruimte, ook om aan te geven wat je als maker van de groep wilt: alleen luisteren, feedback of (toekomstige) samenwerking. Artiesten vonden audiotechs die hun track konden afmixen, songwriters vonden producers en andersom. De open sfeer leidt tot lachen, zittend dansen, mee zingen en rappen en heel gerichte feedback, maar ook tot verrassend specifieke associaties: een nummer doet iemand denken aan een Spider-Man-computergame uit zijn jeugd, een ander aan de soundtrack van een Avatar-film, een ‘robot-insecten flashmob’ of zelfs een ‘treat to the brain’.

De avond laat daarmee niet alleen zien welke uitdagingen makers in hun werkpraktijk ervaren, maar ook wat er kan ontstaan wanneer er ruimte gemaakt wordt voor samenkomst met gelijkgestemden. Hoe kijken de betrokkenen zelf terug op de avond en op de Open Huis-pilot?
Oopkes (producer): ‘Het is belangrijk om elkaar te ontmoeten als creatives. Er is zoveel talent in Nederland, maar toch lijkt het alsof iedereen op z’n eigen eiland werkt. Iemand zei het tijdens de sessie als: “we’re all just suffering on our own little island” en dat kan ik beamen. Het helpt ook om te horen van mensen buiten je eigen kring, dat biedt breder perspectief: zoals dat eigenlijk bijna iedereen financiële druk voelt om rond te komen van hun muziek. De ruimte waarin het plaatsvond gaf ook een soort erkenning: hier kunnen wij als creatives ook zijn’
Lee-Ann (VANGUARD): ‘Het is fijn dat een instituut als de Boekmanstichting haar deuren opent voor grass-roots organisaties als de onze. En vervolgens ruimte geeft en faciliteert zonder daarin ons te beperken. Zo konden wij een programma maken op de manier zoals wij dat doen in onze community: voor en door onze mensen. En deze keer in samenwerking met de Boekmanstichting.’
Jasmin (Boekmanstichting): ‘Het is tof om te zien dat de pilot van Boekman Open Huis doet waar het voor bedoeld was: een vorm van faciliteren creëren waarbij de invulling wordt overgelaten aan de partij die iets wil organiseren, zoveel mogelijk op eigen voorwaarden. Dat zorgt voor een andere sfeer en manier van engagen in het pand. En nodigt daarmee ook uit tot andere manieren van kennisdeling. Het delen van onafgemaakt werk is bijvoorbeeld een waardevolle tool om processen inzichtelijker en speelser te maken en (onverwachte) samenwerkingen te laten ontstaan.’
Fotografie door Iris de Vries